Wikia


Banner Flogon
Voortgang 4






De wijze tovenaar Aristarchos doet een vreemde ontdekking en verteld direct het nieuws aan de koning van Gaión. De tovenaar denkt dat het enkel een grap is van de kroonprins Azir. Toch ziet de koning de voorspelling als een teken van onheil.


"Bij het ontwaken van het licht

zal het duister zich bekend maken"


Aristarchos keek verbaasd naar de lichtgevende letters voor hem. Ze zweefden als geesten voor zijn ogen, gehuld in een wit licht. Hij had deze woorden vertaald. Voorheen waren het symbolen uit een van de oudste boeken in Indalo. "Wat wordt hiermee bedoeld?" vroeg de, al wat oudere, tovenaar aan zichzelf.

Aristarchos liet de woorden weer terugkeren naar een stuk perkament. De lichtgevende letters doofden toen ze het papier raakten en kregen hun oorspronkelijke kleur weer terug. Die van donkergroene inkt.

De tovenaar dacht diep na. Wat te doen, vroeg hij aan zichzelf. Dit kon een serieuze bedreiging zijn voor Gaión. Wellicht zelfs wel voor heel Indalo. Aristarchos keek naar het stukje oude papier waar de vreemde symbolen opstonden die hij zojuist had vertaald. Dat stukje papier was uit een van de boeken gevallen toen de Fozy aan het stoffen was. Dat deed hij eens in de vijftig jaar.

Boeken moesten van Aristarchos stoffig zijn. Dan pas was het boek oud en waardevol. Hoe stoffiger, hoe ouder. Hoe ouder, hoe meer wijsheid erin stond. Maar na vijftig jaar kreeg de tovenaar iets te veel stof in zijn kleine baardje. En dan was het weer tijd voor een grondige schoonmaak.

Maar Aristarchos vond het vreemd om zo'n klein briefje papier te vinden tussen de bladzijden van een boek. Had hij deze voorspelling er jaren geleden zelf op geschreven? Was het wel een voorspelling, of was het een gedicht? De tovenaar wist niet goed wat hij moest doen, maar voelde wel een lichte paniek opkomen. Wat nou als het echt een gevaar aankondigde?

Het briefje was aan de onderkant afgescheurd. Aristarchos had het vermoeden dan dit nog maar het begin van de voorspelling was. Het klonk nu al onheilspellend. Misschien was het briefje maar gewoon een grap. "Azir" siste Aristarchos nijdig. Hij zat vast achter deze achterlijke grap.

De kroonprins van Flogón kende geen enkel plichtsgevoel en hield alleen maar van lol trappen. De tovenaar was woedend. Hij wist zeker dat Azir hier achter zat. Deze keer was die jongen te ver gegaan met zijn grappen. Aristarchos twijfelde geen moment en ging direct naar de dichtstbijzijnde koning toe, Etheleon. Gelukkig leefde Aristarchos in hetzelfde kasteel als de koning van Gaión en verstoorde dus binnen vijftien minuten de belangrijke vergadering van de koning.


"Heer, ik moet u dringend spreken!" zei de tovenaar tegen Etheleon. De koning, wie op dat moment in zijn troon zat en luisterde naar zijn raadsheren, keek verbaasd op. Hij herkende de stem van zijn goede vriend Aristarchos, maar was verbijsterd dat zelf hij durfde te storen tijdens een belangrijke vergadering.

"Aristarchos? Bij Anávei en Skoúro. Wat heeft dit te betekenen?" vroeg de koning terwijl hij opstond uit zijn troon. Zijn raadsheren bogen en verlieten hoffelijk de troonzaal. Aristarchos maakte een kleine buiging en liep naar de troon toe. Hij was nog steeds woedend op Azir. Maar de kroonprins zou niet naar hem luisteren, alleen naar degene die boven hem stond, een koning uit een ander rijk dus.

"Etheleon, kijk! Dit heeft Azir tussen mijn boeken gedaan. Zijn grappen gaan te ver!" tierde de tovenaar tegen de koning. "Wacht even. Wat staat er precies?" vroeg Etheleon met een kalme stem. "Bij het ontwaken van het licht zal het duister zich bekend maken" zei de groene Fozy die dat eigenlijk eerst had willen zeggen.

"Oké. Klinkt niet als heel veel goeds. Maar hoe kom je erbij dat de kroonprins van Flogón dit gedaan zou kunnen hebben?" vroeg de koning van Gaión aan zijn onderdaan. "Dit is typisch iets voor hem! Ik stel voor dat je hem ontbiedt naar jouw kasteel en hem op het matje roept" "Laten we niet al te overhaaste conclusies trekken. We moeten dit bericht serieus nemen en niet zien als een grap" zei Etheleon die zijn vriend probeerde te kalmeren.

"Azir weet niet wat een slechte grap is. Hij heeft dit gedaan en nu moet hij boeten" zei Aristarchos op een wat kalmere toon. "Een kroonprins laten boeten? Ben je zo zeker van je zaak, Aristarchos?" De tovenaar knikte alleen. Hij nam dit erg serieus. "Dan zal ik Azir vragen of hij zijn verhaal komt doen op het kasteel" stemde Etheleon in. Hij zuchtte even. Hij wist niet goed wat hij met deze situatie moest doen. Wie sprak de waarheid?

"Ik zou hem gelijk confronteren en straffen, Etheleon. Die jongen deugt gewoon niet" zei Aristarchos. "Ik kan dat niet zomaar doen. Hij is de kroonprins van Flogón. Ik krijg problemen met Cratius als ik zijn zoon vals beschuldig. Ik wil geen oorlog tussen de rijken, Aristarchos"

"Jij bent de koning. Jij maakt de beslissingen. Maar ik heb je gewaarschuwd" zei de tovenaar dreigend en liep de troonzaal uit. Etheleon riep zijn naam nog en vroeg hem redelijk te zijn, maar zijn vriend wilde niet meer luisteren. "Stuur een bericht naar het Vuurkasteel. Vraag Azir te komen naar het hof van Gaión. Vermeld geen rede voor zijn komst. Begrepen?" zei Etheleon tegen een van zijn bediende. De bediende boog eerbiedig. "Zoals u wenst, heer" antwoordde hij daarna.

De Fozy liet zijn hoorn oplichten, waarna een veer begon te zweven. De bediende gebruikten zijn krachten om de veer in de oranje inkt te dopen en daarna de brief te schrijven waar de koning om had gevraagd. Etheleon voelde een druk op zijn schouders. Hij zat met een serieus probleem en wist niet aan welke kant hij moest staan. De kant van zijn trouwe dienaar of die van de kroonprins?



Bal icon rood

Hoofstuk 1: De voorspelling

De vlammen van Flogón

Hoofdstuk 2: De kroonprins

Bal icon rood

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.