Wikia


Banner zeal
Verboden en Verbannen
Verboden en Verbannen
Algemeen
Maker Zefred
Genre Drama
Leeftijd 12+
Data 16-09-2017
Chronologie
Voorafgegaan door Zanddrager

De schaduw in het licht

Opgevolgd door Heilig Vuur
Verwant aan Geraakt door Bliksem

Vergiftigd hart

Bal icon rood
Verboden en Verbannen
De maan stond hoog aan de nachtelijke hemel en wierp een akelige schaduw op de koude grond van het Donkere woud. De wind waaide huilend maar langzaam langs de verdorde bladeren die aan de knoestige bomen hingen. Een deel van het gebladerte raakte los van de takken en werd meegevoerd door de wind richting de grond. Paren van lichtpuntjes zaten verscholen tussen de wortels en in de struiken.

Starend en bijna afwachtend keken de ogen voor zich uit. Dit was een gewone nacht, waar de schaduwen de overhand hadden. Het licht leek de strijd tegen het duister te hebben verloren, maar integendeel. Waar duisternis was, zou ook licht zijn.

De kleine lichtgevende ogen leken uit hun trans te ontwaakten en draaiden in een andere richting. Naar een plek op het zanderige, met kronkelende wortels bedekte pad. Iets ongewoons leek te komen. Alleen wisten de mysterieuze dieren van het Donkere woud nog niet wat.

Met een klap viel Dragar op de grond. Hij voelde het droge zand onder zijn lichaam, toen hij besloot te blijven liggen op de koude grond. Hij nam even tijd om bij te komen van zijn reis. In zijn rechterhand voelde hij een brandende pijn. Waarschijnlijk was hij ergens langs geschaafd tijdens zijn val. Dragar voelde hoe zijn lichaam een gevoel van rust probeerde te vinden. Hij ging langzaam, met enig gekreun, liggen op zijn rug en zag de sterren boven hem. Duizenden kleine lichtpuntjes waren te zien ondanks de zwarte takken en vallende bladeren.

Dragar besloot om rechtop te gaan zitten en voelde daarna de koele avondbries door zijn haren gaan. Het was enigszins wat kil. Dragar droeg geen jas, maar vond de koele nacht niet onaangenaam. Hij besloot om op te staan en terwijl hij met zijn handen zich afzette tegen de grond, voelde Dragar iets vochtigs. In het licht van de volle maan probeerde Dragar te zien wat ervoor zorgde dat er zand aan zijn rechterhand bleef kleven. De zandkorrels veroorzaakte een brandende pijn in zijn hand.

Bloed, dacht Dragar, maar maakte zich er niet druk om. Hij liet zijn hand zakken en keek om zich heen. De ogen staarden nog naar hem. Dragar glimlachte. "Wie van jullie heeft mijn rugzak gezien?" vroeg hij aan de dieren van het Donkere woud. De dieren trokken zich geschrokken terug in de struiken, waarna Dragar een ritselend geluid om zich heen hoorde. "Nee, niemand?" zei Dragar op een sarcastische maar verbaasde manier. Hij verzette enkele stappen om zo ervoor te zorgen dat zijn langgerekte schaduw het licht op het pad niet verjoeg.

Al snel daarna zag hij iets liggen tussen enkele takken en een struik. Het was een ongewoon iets in het Donkere woud. Dragar hoefde maar enkele stappen te zetten en schoof daarna een deel van de struik opzij. Ja, dit was zijn rugzak. Dragar liet zijn hand steun zoeken op een dikke tak en met zijn andere hand reikte hij naar zijn rugzak. De dunne takjes van de struik maakten oppervlakkige krasjes op zijn arm.

Dragar greep naar een schouderband en hees de rugzak langzaam omhoog langs de takken. Hij deed daarna een band over zijn schouder en voelde het zware gewicht van de tas tegen zijn rug aankomen. Dragar verhief zijn arm en keek op zijn horloge. Een klein kompas op de wijzerplaat, gaf een vaal rood licht. Nu wist Dragar welke richting hij op moest gaan om bij de rand het Donkere woud te komen. Daar stond namelijk zijn huis gevestigd. Met een frisse bries tegen zijn rug, een bloedende wond en nu enigszins vermoeid, begon Dragar zijn weg naar de bewoonde wereld.

Bal icon rood
De maan was al dalende toen Dragar in de verte een ander schijnsel zag opdoemen. Tussen de donkere takken rees een fel warm licht naar boven. Dragar taste met zijn hand in zijn linker broekzak en haalde een kleine sleutelbos tevoorschijn. Enkele meters voor de rand van het bos van het Donkere woud begon een helling.

Dragar volgde een onbetreden pad tussen de scheef groeiende bomen die op de helling stonden. Hij voelde hoe zijn kuitspieren zich aanspanden en niet veel later een stekend gevoel creëerden. Maar dat deed Dragar niets. Zijn reis was bijna ten einde. Dan zou hij weer kunnen genieten van zijn luxueuze leventje. Althans, dat hoopte hij.

Dragar had bijna het bovenste punt van de helling bereikt en zag hoe het felle licht zichtbaarder werd. Zijn abstracte moderne huis doemde onder de baken van licht vandaan en tekende een groot contrast met de verwilderde omgeving. Dragar betrad zijn symmetrische en wel onderhouden tuinen via een wit marmeren pad. Hij pakte een van zijn sleutels vast en liet de rest van de sleutels bungelen aan de sleutelbos, waarna ze een bekend metaalachtig geluid veroorzaakten.

Dragar stak de sleutel n het slot van zijn grote glazen voordeur. Hij draaide de sleutel om in het slot en opende de deur. Terwijl hij dit deed, viel hem iets op in de grote hal, wat altijd een grote indruk op zijn gasten naliet. Dragars gigantische kroonluchter, die een verdieping hoger hing en enkele meters lang was, brandde niet zo fel als gewoonlijk. Hier en daar waren enkele gedoofde lampjes die zorgden voor een iets donkere sfeer op de nabij gelegen witte muren.

Dragar sloot de voordeur achter zich dicht en gooide met een soepele beweging de sleutelbos in een schaaltje op de salontafel naast de deur. Hij liet zijn rugzak van zijn schouder afglijden en liep ermee naar de keuken, die zich rechts van de hal zich bevond. Dragar legde de zwarte tas neer op het marmeren keukeneiland en draaide zich om naar de kraan. Hij bekeek zijn rechterhand die al even geleden gestopt was met bloeden. Het opgedroogde bloed neigde naar een zwarte kleur en het zand zat nog steeds in de wond.

Dragar opende de kraan. Uit de kop kwam een blauw licht en Dragar hield zijn hand onder het koude stromende water. Al het vieze zand wat vast zat in zijn wond, werd meegenomen door het verfrissende water. Dragar wreef het donkere bloed van zijn hand, waarna het water een rode transparante kleur kreeg. Nu pas zag Dragar hoe diep zijn wond was. Zijn huid was kapot en er liepen enkele diepe snede vanuit de binnenkant van zijn hand naar zijn slanke vingers.

Dragar probeerde de situatie in te zien en besloot dat het hechten van de wond niet nodig was. Daar had hij op dit tijdstip van de nacht in zekere zin geen behoefte aan. Uit een la pakte Dragar een rol verband en wikkelde deze, zonder veel nauwkeurigheid, om zijn rechter hand. Zijn wond was weer open en het rode verse bloed besmeurde de eerste lagen van het verband. Dragar was bij het einde van de rol verband gekomen en wikkelde het nog een keer om zijn hand, om het daarna goed en strak vast te maken.

Dragar vestigde zich weer op zijn rugzak en ritste hem open met zijn goede hand. Tastend zocht hij met zijn hand op de bodem van de tas naar zijn mobiel. Eenmaal gevonden, haalde hij zijn telefoon uit de tas en zette deze aan. Even was het beeldscherm zwart, maar daarna verscheen de tijd als een groep van rode pixel bij elkaar. Daaronder stonden enkele icoontjes en Dragar ontgrendelde zijn telefoon met een hand. Hij las enkele meldingen vlug door en beantwoordde sommige. Hij zag de oproepen die hij die avond had gemist en besloot om een iemand terug te bellen.

"Davolski! Dragar, znayesh, skolko seychas vremeni?" hoorde Dragar maar al te duidelijk vanuit zijn speaker van zijn telefoon komen. "Ook hallo, Dominik. Wil ik weten wat je net zei?" vroeg hij daarna in het kleine microfoontje onderaan zijn mobiel. Dragar leunde op het keukeneiland en hield zijn mobiel schuin in zijn linkerhand.

"Laznja! Ik ga niet voor je vertalen, Dragar" zei Dominik met een boze stem. "Dat verstond ik wel" antwoordde Dragar op een toon die aangaf dat hij niet blij was met het Russische scheldwoord. "Maar goed. Waarom had je me gebeld?" vroeg Dragar aan zijn Russische compagnon. Daarna ontving hij nog lange boze zinnen die Dragar niet goed kon verstaan. Maar hij kon aan de toon opmaken, dat Dominik liet blijken dat het tijdstip niet al te goed uitgekozen was.

Bal icon rood
Dragar hoorde het Russische gezeur aan de andere kant van de lijn maar aan. "Ter zake, Dominik. Ik weet dat je over een paar uur naar Alaska moet, dus laten we er geen theekransje van maken" zei Dragar, die het enigszins ook laat vond en wilde gaan slapen. "Khorosho, je hebt gelijk" antwoordde Dominik en herpakte zich. "Cirilla belde me laatst. Ze zocht contact met je via mij. Wat ze wil, weet ik niet. Ik ben slechts de boodschapper" vertelde hij met zijn overdreven accent.

Dragar ging met zijn rechter hand door zijn haar. Het was een automatische beweging waar Dragar snel daarna spijt van kreeg. Hij voelde een branderig gevoel in zijn hand en zag hoe het rode bloed door het witte verband heen kwam. "Wanneer komt ze?" vroeg Dragar die eigenlijk niet blij was met het nieuws. Hij wilde niet in contact komen met andere mensen, laat staan buitenstaanders. Maar die naam; Cirilla, kwam het toch enigszins bekend voor. Russisch, dacht Dragar. Alleen Dominik zou een afspraak regelen met een landgenoot.

"Gehoord wat ik zei?" vroeg Dominik toen Dragar niet antwoordde. "Herhaal het even" zei Dragar erna. Dominik zuchtte. "Morgenvroeg komt ze. Geen idee hoe laat. Wilde ze niet zeggen" herhaalde hij daarna. Dragar pakte zijn telefoon van het keukeneiland en ging rechtop staan. Hij keek even naar de dunne klok die tegen de wand van de keuken aanhing. Uit slechts enkele zwart metalen strepen aan de muur, kon Dragar de tijd achterhalen. "Wat is het voor type?" vroeg hij aan de Rus met een argwanende toon.

Cirilla leek hem een persoon die haar eigen regels maakte. Geen uitzondering maken, dacht Dragar nog. Hij mocht haar niet anders behandelen dan andere mensen die kwamen zeuren om zijn hulp of hem een opdracht wilde geven. Nee, hij moest zijn eigen plan trekken en niet klaarstaan voor andere. Dat was niet zijn aard.

"Je weet, zoiets doe ik zelden. Maar de meid stond erop. Ze wil je spreken. Goedschiks of kwaadschiks" vertelde Dominik terwijl Dragar op zijn glazen trap liep naar boven. Hij liep voorbij zijn grote impressionistische schilderijen die lang de trap hingen. De dikke olieverf creëerde een diep reliëf op het doek en maakte van het schilderij niet een beeld maar een object.

De fel rode grove penseelstreken liepen over van tinten naar tonen. De ene streep was als Dragars wond geweest. Druipend fel rood bloed, naar een opgedroogde zwarte kleur en weer terug naar de bloederige kleur die doordrong uit de achtergrondkleur van het doek. Intens en enigszins obsessief kwam de reeks van schilderijen over toen Dragar verder de trap opliep.

"Kwaadschiks? Er is geen goed of kwaad" zei Dragar met een vermengde toon. Cirilla leek in zijn ogen een ontzettende grote fout te hebben gemaakt. Ze daagde hem uit en wilde niet over zich heen laten lopen. Althans, dat dacht Dragar. Maar toch. Ze leek hem te bespelen als een marionet. Dominik had ze al te pakken gehad. Wat had hij deze keer over voor zijn trouw en loyaliteit?, vroeg Dragar af. Maar hij moest die Cirilla op afstand houden. Ze kon een bedreiging zijn voor alles wat hij de afgelopen jaren had opgebouwd.

"Dragar, ik waarschuw je. Laat niet met je sollen. Ze kent jouw soort en dus weet ze je te bespelen" zei de Rus met een indringende stem alsof hij een beeld probeerde te schetsen met zijn woorden. Wat hem was overkomen, mocht zijn vriend niet gebeuren. Iemand moest zich opofferen voor Dragar om zo uit het web van de Weduwe te komen. "Oké. Bijeenkomst, over twee weken" antwoordde Dragar, die zich niet liet afschrikken door de waarschuwing, noch zich in het harnas liet jagen.

Over een paar uur zou hij die Cirilla ontmoeten, die sluwe slang die door zijn waterdichte netwerk was doorgedrongen. Dragar gaf niet toe aan zijn idee dat hij onder de indruk was. Maar dat herinnerde hem aan een oud verhaal. Om door een ondoordringbare muur van vuur te komen, moest je ijskoud zijn. Maar zelfs het koudste ijs smelt beetje bij beetje. En dat was precies wat Dragar van plan was; de sneeuw aan de zon doen verdwijnen.

Bal icon rood
Dragar werd wakker, op een onprettige manier. De zon scheen in zijn ogen en eigenlijk wilde hij blijven slapen. Het was veel te voeg, maar Dragar werd altijd wakker wanneer de zon op kwam, in welke situatie dan ook. Het had geen zin om langer in zijn hemelbed te blijven liggen. Hij wist niet wanneer Cirilla kwam en zijn rechterhand was weer gaan bloeden.

Dragar voelde de vermoeidheid toen hij opstond uit zijn bed en zijn heerlijke dekens van zich af moest schuiven. Kon hij niet voor een keer weer genieten van een vrije dag, zonder zijn bed uit te komen? Nee, Dragar had verplichtingen en verantwoordelijkheden. Hij wist dit maar al te goed. Met het idee dat zijn verwarming kapot was, liep Dragar naar zijn kledingkast om een vest te pakken. Hij hoefde niets anders aan te trekken, want hij was met kleding en al op zijn bed gaan liggen en had de dekens over zich heen getrokken.

Dragar liep de trap af, maar niet geheel soepel. Door zijn slaapgebrek wankelde hij van trede naar trede en moest hij goed opletten waar hij zijn voeten plaatsten op de glazen trap. Dragar probeerde evenwicht te vinden door de trapleuning stevig vast te houden, wat hem uiteindelijk lukte. Eenmaal beneden in de hal, liep Dragar weer de keuken in.

De kamer was overgoten door de eerste ochtendstralen van de zon. Dragar zag enkel een fel licht en draaide zich snel om naar het aanrecht. Hij zette zijn zwarte waterkoker aan, waar nog water van enkele dagen geleden inzat. Daarna zette Dragar de kraan goed open en liet het water het oude bloed wegspoelen en zo de wond weer schoonmaken. Met een hand onder de kraan opende Dragar het keukenkastje boven hem. Hij haalde er een keramische zwarte mok uit, die versierd was met enkele rode gekromde lijnen.

Hij zette de mok op het aanrecht naast de wasbak, hield hem nog even vast en pakte daarna nog eentje uit de kast. Deze mok had het zelfde uiterlijk als de zwarte beker, maar had een keramisch witte kleur met een groen accent. Gifgroen. "Verwacht je bezoek of heb je gewoon zin in koffie?" vroeg een vrouwelijke stem achter hem. "Natuurlijk wist ik dat. Dominik had me gebeld" zei Dragar die Cirilla niet zijn ochtend schema liet ruïneren.

"Wat wil je?" vroeg Dragar op een toon waaruit je niet kon opmaken waar de context over ging. Hij draaide de kraan dicht en depte zacht met een vaatdoek zijn rechterhand droog. Het zag er niet al te best uit, maar levensbedreigend was het nu ook weer niet. "Wat ik wil? Ik wilde je spreken over belangrijke zaken..." begon Cirilla die zich een beetje ondergewaardeerd voelde. Ze had meer klasse van Dragar verwacht.

"Koffie of thee?" viel Dragar zijn gast in de rede toen hij de waterkoker pakte en eerst voor hemzelf heet water inschonk. "Thee" antwoordde Cirilla kort en schaamde zich een beetje. Ze ging anders zitten op de stoel die aan de eettafel stond en ging met haar slanke hand door haar haar heen. Daarna keek ze naar rechts, omdat ze zichzelf even geen houding wist te geven. Hij had haar goed te pakken gehad, maar dat liet ze niet nog eens gebeuren. Terwijl Dragar een theezakje pakte uit een ander keukenkastje, verscheen er een sluwe glimlach op zijn gezicht.

Dragar zorgde dat zijn hete water koffie werd en voegde er nog suiker aan toe. Daarna zette hij eerst zijn mok op de tafel en pas daarna die van Cirilla. Hij zette de witte keramische beker net iets richting het midden van de tafel, zodat Cirilla ernaar moest rijken met haar hand. Dit was een psychologisch spel voor Dragar. Zij moest naar hem toe komen, hij niet naar haar. Dragar liep terug naar het aanrecht en pakte weer een rol verband uit de la en verbond zijn hand terwijl hij met zijn rug tegen het aanrecht leunde.

"Ziet er lelijk uit. Jezelf gesneden?" vroeg Cirilla op een minachtende toon die eigenlijk verborgen moest blijven door haar zoete en bezorgde stem. Dragar keek naar zijn verbonden hand. Dit keer kleurde het witte gaas niet rood van het bloed. "Dit?" vroeg hij verbaasd aan Cirilla en deed alsof hij het net opmerkte. Hij liep daarna naar de keukentafel, schoof een stoel naar achter en ging achteroverleunend erop zitten. Hij keek Cirilla recht in de ogen aan. Hij genoot zo van dit spel. 

"Risico van het vak" zei Dragar daarna op een zakelijke toon alsof zijn wond niets was. Dragar had door dat Cirilla hem observeerde, probeerde te doorgronden. Maar Dragar had een doolhof voor haar uitgezet. Ze zou er niet achter komen wie hij werkelijk was, ook al beweerde ze dat ze iets wist. Nee. Dragar zou haar in de war brengen en ervoor zorgen dat ze zijn bewegingen niet kon voorspellen. Dit was zijn spel en verliezen, dat deed hij nooit.

Bal icon rood
Dragar keek nog steeds in de zon en begon zich eraan te irriteren. Hij draaide zich naar achteren op de stoel en pakte een kleine afstandbediening van het keukeneiland af. Hij keek even naar de simpele gebolde knopjes en drukte er eentje in. Het zonnescherm van het raam schoof direct daarna langzaam en geruisloos naar beneden.

Er ging een grote schaduw over de keuken heen. Deze dikke donkere band bereikte Dragar en toen de schaduw op de helft van de tafel was, zette Dragar het zonnescherm stop. Zonder zich dit keer om te draaien, legde Dragar de afstandsbediening weer terug. Dragar zag de symboliek van het verduisteren van de zon. Het licht waar hij recht inkeek, verblinde hem. De schaduw beschermde hem daartegen. Maar ook zat hij niet met zijn rug in de zon. Nee, hij stond niet aan de kant van het licht.

Cirilla was even stil. Dragar zag haar nadenken. Wat moest ze zeggen? Meteen ter zake, of er omheen praten? De juiste manier wist ze niet. "Dus wat brengt je hier?" vroeg Dragar die haar voor was en dit keer op een welwillende toon. "Ik heb een opdracht voor je" zei Cirilla met een zelfverzekerde stem. Nu begon het moeilijkste gedeelte van het gesprek; het overhalen en het chanteren. Dragar was daar ook wel benieuwd naar. Met welke argumenten zou Cirilla hem proberen over te halen om iets te doen wat hij absoluut niet wilde en daar bekend om stond?

"Ik doe geen opdrachten voor een ander" antwoordde Dragar op een koele toon. Hij kruiste zijn armen over elkaar heen om te laten weten dat hij haar verzoek echt niet ging doen. "Maar het leukste moet nog komen" zei Cirilla met een zoete en verleidelijke stem. Dragar liet zich niet om de tuin leiden door vleierij. Nu was het zijn beurt. Meebewegen of afwijken? Dragar glimlachte terwijl hij keek naar de donkere dampende koffie in zijn lievelingsmok. "En dat is?" vroeg Dragar kort.

Cirilla had beet. Dragar hapte toe. Ze was zo blij, maar kon niets laten merken. Nu moest ze hem voorzichtig binnenhalen. Stukje bij beetje, zonder dat hij het door had en op het juiste moment toeslaan. Dan zat hij in de val en kon hij geen kant op. Cirilla leunde een klein beetje naar voren en hield met beide handen haar beker met thee vast.

"Jij en ik" begon Cirilla op een nadrukkelijke toon, terwijl ze het leukste deel van haar opdracht begon te vertellen. "gaan samen iets heel waardevols stelen van een bijzonder persoon" maakte ze haar zin af. "Wat? Jij en ik? Iets heel waardevols, een bijzonder persoon?" zei Dragar op een verbaasde toon. Dit was onzin, hier had hij niets aan. "Ik zou maar snel iets speciefieker zijn, want mijn geduld raakt op" zei hij daarna op een wat meer dreigende toon.

Dragar nam een slok van zijn koffie en bleef Cirilla met een intimiderende blik aankijken. Cirilla wilde niet te snel antwoorden op Dragars vragen, anders kwam ze zwak over. "Niet zo overhaast, Dragar. Ik probeerde het spannend te maken" antwoordde ze daarna met een zelfverzekerde stem. Ze keek hem in de ogen en zag bijna letterlijk een tikkende klokjes in zijn ogen. Ze had niet veel tijd meer om Dragar te overtuigen.

Dragar gaf Cirilla een uitvoerende blik, waarmee hij wilde zeggen dat ze er niet om heen moest draaien, maar het gewoon moet zeggen. En wel nu. "Oke. Ik ben bekend met jou soort. Mensen met een uitzonderlijke gaven die alles kunnen krijgen wat ze maar willen. Maar er is iets wat ik wil van een heel gevaarlijk persoon, wie jij ongetwijfeld kent. Hij staat bekend als de Basilisk. En ik wil zijn sterkste gif stelen" vertelde Cirilla uiteindelijk het hele verhaal. Ze hield alleen achter wat haar plannen waren wanneer ze het gif in handen had.

Dragar was stom verbaasd. Dat moet hij jammer genoeg toegeven. Maar die verbaasde uitdrukking haalde hij al gauw van zijn gezicht. Dragar stond langzaam op. "Stelen van mijn eigen soort?" zei hij op een zachte ongure toon. De zon achter de ramen rees langzaam steeds hoger waardoor de schaduw in de kamer de overhand nam. "Hoe durf je mij dit te vragen?" zei Dragar daarna die gehuld was in een akelige kille duisternis. Cirilla had dit niet van Dragar verwacht.

"Ach, kom nou Dragar. Sinds wanneer geef jij om je medemens? Ik wil alleen iets hebben van die vuile slang" zei Cirilla met een krachtige stem. Ze was ook gaan staan. Dragar kruisten langzaam zijn armen over elkaar. Zijn duistere kant nam af, maar hij bleef haar intimiderend aankijken. "Mijn huis uit" eiste Dragar. Cirilla zag daarna witheet van woede.

Met haar sterk verkleinde pupillen zag ze haar witte beker met hete thee op de tafel staan. Ze greep naar de beker en gooide het in de richting van Dragar. De scherven lagen verspreid om Dragar heen en de thee dampte nog na op de natte kleding van Dragar. Dragar voelde hoe een druppel thee vanuit zijn haar, gleed over zijn gezicht. "Nu" beval hij Cirilla. "Dus de geruchten zijn waar. Niet eens in staat om jezelf te verdedigen" begon Cirilla op een valse toon terwijl ze de kamer verliet. "Jammer" zei ze nog terwijl ze met haar rug naar Dragar toe zijn huis verliet.